Lauran Wijffels en Gerard Otten geven presentaties over de geschiedenis van de Tilburgse kermis.
Lauran Wijffels en Gerard Otten geven presentaties over de geschiedenis van de Tilburgse kermis. (Foto: )

Het verleden van de Kermis: Keekwalk en Hoogaatie

De Hoogaatie. Een lèksteel. De botsautootjes op de kop van De Heuvel en de stoere jongens die daar rondhingen. Meiden versieren in de Stoomcarrousel door met serpentines te gooien. Een pond paling. De dikke dame. De Lilliputter. De bokstent. De steile wand. De Keekwalk. Pony rijden.

Door Gerard Sanberg

TILBURG - Geen evenement is zo Tilburgs als de kermis en dus zijn er allerlei typisch Tilburgse woorden voor. De Hoogaatie, wat is dat dan wel?, vraagt een buitenstaander zich af. Tja, Tilburgs voor het Reuzenrad. En een zuurstok, die heette hier lèksteel. De Keekwalk? Ach, de Cake Walk natuurlijk, het Lunapark. En de RIOS-bende, in de jaren '60: Ruziemaken Is Ons Streven'. Dat waren die stoere jongens bij de botsautootjes.

Herinneringen

Allemaal schitterende anekdotes die door Gerard Otten en Lauran Wijffels worden opgedist tijdens hun presentatie over de geschiedenis van de Tilburgse kermis. De stemming zit er goed in en het publiek roept enthousiast eigen kermisherinneringen door de zaal. Maar het is niet alleen nostalgisch vermaak en platte lol, er is ook serieuze informatie.

Gerard Otten: "De kermis is 452 jaar geleden ontstaan als oogstfeest. Dat werd gevierd in september, dan was de oogst binnen en kwam de herfst eraan en dan gingen ze nog één keer uit hun dak. 300 jaar lang was het vooral eten, drinken en dansen, de attracties kwamen pas later, in de 19de eeuw. Die attracties waren aanvankelijk niet erg, laten we zeggen, politiek correct. Zo was er het kat-knuppelen waarbij een kat in een houten ton werd opgesloten en die ton werd dan aan barrels geslagen – tot grote schrik van de kat. En bij het gansrijden ging het erom een gans die aan zijn poten aan een paal hing, in één keer de kop af te trekken terwijl je er op een paard onderdoor reed."

Bizarre mensen

Inderdaad, in onze moderne ogen niet erg respectvol. Ook het tentoonstellen van bizarre mensen viel daaronder. De Lilliputter die werd getoond. De Afrikaanse show waarbij zwart geschminkte mannen (zogenaamde negers dus) woest smakkend voor het publiek allerlei rauwe gerechten verslonden. De Siamese tweeling, twee mooie dames die vanaf hun middel aan elkaar zaten. De dikke dame.

Lauran Wijffels, schrijver van maar liefst zes boeken over de Tilburgse kermis, fungeert tijdens de presentatie als sidekick: "Ze werd gepresenteerd als Big Edda, maar ze heette gewoon Annie van Wanrooij hoor. En ze woog 200 kilo vanwege een aandoening. Ze verdiende er goed geld mee en ze had ook een dikke zoon. Die werd ook op het podium gehesen, maar dat bleek niet te werken. Toen hebben ze die jongen verkleed als meisje en dat was ineens wel een succes."

Maar de kermis kon ook een pedagogisch doel dienen: het Internationaal Museum voor Kunst en Wetenschap vertoonde allerlei nieuwe snufjes en uitvindingen, waarmee het Tilburgse publiek dan voor het eerst kennismaakte.

Microscoop

In 1879 was daar de eerste fiets te zien. En de Tilburger Frans Donders zag er zijn eerste microscoop. Dat bracht hem op het idee van staaroperaties, een idee dat hij ook uitvoerde. (Tot die tijd was staar gewoon pech, als je het kreeg werd je blind.) En in 1899 stond een verplaatsbare bioscoop op de kermis, in een tent. Grote schrik en echte paniek bij de toeschouwers toen een enorme stoomlocomotief vanaf het witte doek zomaar de zaal in leek te rijden.

Lauran Wijffels: "De Stoomcarrousel was in een enorme tent, die zie je nu niet meer, dan moet je naar de Efteling. In die tent waren allerlei aparte zitjes gemaakt, om mensen daar vast te houden. De jongens konden daar serpentines naar de meisjes gooien, ja, om ze te versieren. Als zo'n meisje die serpentine dan vasthield, nou, dan had je dus succes. En je wilde met je meisje in de rups of naar het spookhuis, dan kon je nog eens iets proberen."

Alcoholisme

In de jaren '30 was er veel alcoholisme onder de textielarbeiders. Omdat het tijdens de kermis nogal eens uit de hand wilde lopen, was tijdens die vijf dagen sterke drank verboden. De cafés mochten alleen bier schenken, geen jenever. Officieel, wel te verstaan, want er ging natuurlijk van alles onder de toonbank door.

En tijdens de Tweede Wereldoorlog lag het kermisgebeuren stil. Vijf jaar geen kermis, maar na 1945 werd de traditie weer opgepakt, nu in augustus. In de jaren '60 werd dat eind juli.

De jaren '50 en '60 waren ook de tijd van de kermispot. Kermis was een mooie traditie, maar best duur. Sparen dus! In veel Tilburgse cafés was voor de stamgasten een zogenaamde dubbeltjespot, met de kermis haalde je die dan leeg.

Kermispot

In sommige gezinnen kwam eens in de week een bekende langs om een gulden op te halen. Met de kermis had je dan 50 gulden gespaard, dat was best veel geld. Daarmee kon je naar de kermis. Ja, of een nieuwe fiets kopen. Uit het publiek: "Ons moeder kocht van de kermispot voor ons een dagkaart voor de Keekwalk, dan was ze de hele dag van ons af."

Een ander: "Een dagkaart? Wij kregen een weekkaart. Zaten we de hele kermis in de Keekwalk."

En zo ging het nog even door, maar het is natuurlijk veel leuker om de presentatie zelf te zien. Dat kan nog: Gerard Otten en Lauran Wijffels geven hem nog een keer op woensdagavond 17 juli, in 't Laar, vanaf 19.30 uur. Voor bewoners van 't Laar gratis te bezoeken, voor bezoekers 6 euro.

Audrey Tulkens
Meer berichten