'En wat doen we met Soekarno als-ie komt, als-ie komt? En we draaien ‘m door de nasi, we draaien ‘m door de nasi als-ie komt, als-ie komt!'
Door Paul Spapens
Dit zijn een paar regels uit een soldatenlied. Het werd gezongen door de ongeveer 150.000 dienstplichtigen en vrijwilligers die vanaf 1946 betrokken waren bij de koloniale oorlog die Nederland vocht in Indonesië, toen nog ‘ons Indië’ geheten. Tilburg telde minstens 1.000 Indiëgangers. Vijftig van hen lieten het leven in de strijd tegen de Republiek Indonesië.
Bij hun terugkeer namen de Indiëgangers dit lied mee naar huis. Het werd hier onder andere gezongen als tempoliedje tijdens wandelmanifestaties. Je kon er lekker op lopen en op variëren, door andere namen te noemen of in plaats van nasi andere gerechten of helemaal andere dingen zoals ‘kachelhoutjes’ – noteer dat in de tijd dat dit speelde de kachel met kachelhoutjes werd aangemaakt waarna de kolen uit de mijnen in Limburg of briketten op de vlammen werden gegooid. (Met iemand de kachel aanmaken is weer helemaal iets anders)
Vuurwerk
‘Onze jongens’ brachten niet alleen dit liedje mee, samen met de Indische Nederlanders stonden ze ook aan de basis van de vuurwerktraditie met Nieuwjaar. We herinneren ons de zevenklappers, ‘kanonslagen’ en gillende keukenmeiden. Houdt deze dus vrij recente vuurwerktraditie door nieuwe regelgeving naar verwachting op te bestaan, dat zal zeker niet gebeuren met de Indische Keuken die in diezelfde tijd populair werd en die zich blijvend gevestigd heeft op de Tilburgse smaakpapillen.
Daarom kon je toen gemakkelijk ‘nasi’ zingen want dat snapte iedereen in relatie tot Soekarno, die werd gezien als staatsvijand nummer één. Op 1 mei 1952 werd in Tilburg onder de naam China naast De Korenbeurs het eerste Chinese café-restaurant in Zuid-Nederland geopend. De Tilburgers hadden de smaak snel te pakken. In 1955 kwam er een Chinees restaurant in de Stationsstraat en weer drie jaar later een aan de Tuinstraat. Dit was meteen ook de eerste afhaalchinees. Culinair-historisch interessant is ook dat het eerste Chinese restaurant aan de Heuvel op vrijdag ‘desgewenst vleesloze gerechten’ serveerde.
Katibim
Cees Robben publiceerde deze Prent op 7 februari 1986. Toen was Tilburg al lang en breed gewend aan de Chinees-Indische keuken met een populair fenomeen als de Indische Rijsttafel. En ook andere keukens sloegen hier aan, ze logenstraften het aloude gezegde ‘wè ‘ne boer nie kènt, dè frèttie nie’. We herinneren ons met veel genoegen het Turkse restaurant Katibim. Dat was van 1971 tot 1983 aan de Telefoonstraat gevestigd. Voor veel Tilburgers was dit een eerste kennismaking met de Turkse cultuur, een goed voorbeeld van hoe interesse voor culturen via de maag loopt. Sarban, in 2010 geopend aan de Besterdring, was het eerste Afghaanse restaurant in Zuid-Nederland.
Trinh
En zo zijn er nog veel meer voorbeelden te geven van de eetcultuur waarmee nieuwkomers de Tilburgse keuken verrijkten. Een goed voorbeeld is de familie Trinh, oorspronkelijk afkomstig uit Vietnam. Je moet echt een beetje terug in de tijd om je de Vietnamese bootvluchtelingen te herinneren. Dat speelde vanaf 1975 toen een exodus startte van ongeveer twee miljoen Vietnamezen die merendeels in gammele bootjes aan het communistisch bewind probeerden te ontkomen. Tussen 1977 en 1980 kwamen ruim achtduizend Vietnamese bootvluchtelingen in Nederland terecht.
De familie Trinh werd door een Nederlands schip op zee opgepikt en eindigde de vlucht dus in Nederland. Via de eerste opvang in Bergen op Zoom kwamen de ouders en hun zes zonen en twee dochters in Tilburg terecht. Ze kozen voor Tilburg vanwege de onderwijsmogelijkheden. In 1981, het jaar waarin de familie Trinh zich in Tilburg vestigde, ging de stad door een diep economisch dal. Oudere Tilburgers zullen zich die malaise beslist nog herinneren. Alle mogelijke baantjes werden opgepakt door de Vietnamese vluchtelingen. Moeder naaide kleren, vader plukte aardbeien.
Loempia
In 1985 was daar de ingeving die de familie Trinh er definitief bovenop zou brengen. Na eerste enthousiaste reacties op een buurtfeest, gingen ze Vietnamese loempia’s maken en verkopen. Die waren een instant succes. En zo maakte Tilburg kennis met de Vietnamese loempia. Nog steeds worden ze gemaakt volgens het recept dat moeder Trinh als bootvluchteling uit Vietnam heeft meegebracht.
