’s Middags kregen we het telefoontje. ‘Jullie zoon is over.’ Het was fijn om te horen dat hij dit jaar wel naar de derde klas gaat, maar een verrassing was het niet. In tegenstelling tot vorig jaar had hij deze keer wel zijn best gedaan.
Dat hij het afgelopen jaar was blijven zitten, had een duidelijke oorzaak. Na een vervelend jaar in een vervelende klas was hij in een leuke groep terechtgekomen. Hij maakte nieuwe vrienden, met als gevolg veel naschoolse activiteiten. Hij ging bijvoorbeeld skateboarden – en laten we in Tilburg nou net een van de mooiste indoor-skateboardparken van Nederland hebben: Ladybird. Veel van zijn tijd bracht hij daar door. Het resulteerde zelfs in een vrijwilligersbaantje als schoonmaker, met als grootste voordeel: gratis toegang. Daardoor kon hij nog vaker skaten en deed hij nog minder aan school. Wij lieten hem zijn gang gaan.
Een andere nieuwe hobby was muziek maken. Hij pakte een gitaar op en begon met een paar vrienden een bandje. Op donderdag repeteerden ze in de pauze op school, maar daarnaast natuurlijk ook na schooltijd; anders word je nooit goed. Oefenen, oefenen, oefenen. Wij lieten hem zijn gang gaan.
Doordat we de teugels vierden, schoot zijn schoolwerk erbij in. Dat was natuurlijk niet goed, maar wij zagen een gelukkige zoon. Een kind dat bovendien grote ondernemende en sociale stappen zette. Dit jaar ging hij dus wel over naar de derde klas, maar dat was niet het enige succes. Met zijn band The Lazy Farmers trad hij op in de grote zaal van 013, waar ze Tilburg’s Got Talent wonnen, en afgelopen week stond ik met een paar andere trotse ouders te joelen bij hun concert op het Bluegrass Festival in Rotterdam.
Achteraf is het natuurlijk makkelijk praten, maar ik zie het jaartje zittenblijven als een investering. Presteren is prima, maar dat kan op veel vlakken; er is namelijk meer dan school. Aan ambities trouwens geen gebrek, want op de weg naar huis vanuit Rotterdam maakte hij met de bassist al plannen voor de volgende optredens. ‘Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we geld gaan verdienen met onze muziek?’
