Op de tentoonstelling over de natuur van Tilburg in het Peerke Donders Paviljoen hangt een grote landkaart. Het is een fotoreplica van de kaart die Hendrik Verhees in 1790 tekende van de Heerlijkheid Tilburg-Goirle. De kaart is te zien op deze tentoonstelling omdat je er goed op kunt zien hoe het landschap rond Tilburg er ruim twee eeuwen geleden uitzag, rond de tijd dat Tilburg in 1809 stadsrechten kreeg.

Door Paul Spapens

Het meeste van dat landschap is verdwenen, letterlijk volgebouwd. De kenmerkende structuur van Tilburg, perfect zichtbaar op de kaart, is wel behouden gebleven, in het bijzonder de herdgangen. Opvallend is dat een flink aantal toponiemen voortleven in de huidige stad. We noemen onder andere ‘Zant’, waar de wijk Het Zand naar is genoemd en Duynsberg dat voortleeft in de naam van de serviceflat voor senioren. Nu we toch in die hoek van de stad zijn: ook de Warande is in volle glorie als sterrenbos te zien. Dit is in 1712 aangelegd. De boompjes die in dat jaar zijn geplant hadden dus al een flinke omvang.

De maker van deze kaart was Hendrik Verhees (1744-1813) uit Boxtel. Deze veelzijdige cartograaf, landmeter en architect was gespecialiseerd in het maken van zulke kaarten. Hij had een enorme topografische kennis en oog voor detail. Een kaart uit 1760 nam hij als uitgangspunt. Zijn authentieke weergave van de situatie maakt de kaart van Tilburg zo mooi om naar te kijken. Maar wat dan juist opvalt is dat hij op de kaart schrijft dat het een weergave is van de Heerlijkheden Tilburg, Goirle en Riel – Riel is dan de vreemde eend in de bijt.

Kasteel van Tilburg

Een heerlijkheid was een gebied waarvan het grondgebied en bestuur en gezag eigendom was van een ‘heer’, doorgaans een edelman of -vrouw. Sinds 1788 was Diederik Johan van Hogendorp heer van Tilburg en Goirle. Hij was eigenaar van het kasteel van Tilburg. Tilburg en Goirle vormden al vanaf de veertiende eeuw een heerlijkheid. Riel maakte daar geen deel van uit. Vanaf de veertiende eeuw viel Riel bestuurlijk onder de heerlijkheid Hilvarenbeek.

Wat tussen Tilburg en Riel wel speelde was onenigheid over het eigendom van de heide tussen beide kernen. Met de plaatsing van een hardstenen grenspaal werd dat conflict in 1845 beslecht. Deze steen verdween later uit het zicht, werd teruggevonden en in april van dit jaar met enig ceremonieel teruggeplaatst. Wie dit bijzondere monument zelf wil bekijken: de grenspaal vind je aan het Siptenpad in Stadsbos013.

Voor Cees Robben zal dit allemaal bekende informatie zijn geweest want hij was een fervent heemkundige. De drie plaatsen Riel, Goirle en Tilburg verbindt hij in deze Prent van 19 januari 1979 door middel van cultuur en traditie met elkaar. Een hoofdelement in de Prent zijn de ‘Kaaije’. Dat is de bijnaam van de inwoners van Riel en het is ook de carnavalsnaam van het dorp. De naam verwijst naar de zwerfkeien die ooit door de Maas en de Rijn zijn aangevoerd en die in Riel aan de oppervlakte komen.

Wat betreft cultuur vormden de plaatsen wel een eenheid omdat Tilburg, Goirle en Riel vielen onder de Meierij van Den Bosch. Riel en Alphen werden in 1810 samengevoegd. Twee verschillende culturen werden van bovenaf met elkaar verbonden. Alphen maakte deel uit van de Baronie van Breda. De grote culturele verschillen tussen beide regio’s konden zich eeuwenlang ontwikkelen en lieten zich onder meer letterlijk horen in het dialect. De dialectgrens tussen de Meierij van Den Bosch en de Baronie van Breda werd overigens gevormd door de beek. de Donge.

Wrijving

Een ontzettend interessant cultureel fenomeen dat speelde tussen zowat alle dorpen en steden in Brabant is de wrijving of zelfs wel vijandigheid die er tussen gemeenschappen kon bestaan en die bijvoorbeeld de kop opstaken tijdens kermissen en voetbalderby’s. Van zulke gevoeligheden tussen Goirle en Riel zijn schrijver dezes niet bekend (wat niet wil zeggen dat ze er niet waren), maar wel tussen Riel en Alphen. Riel was pas laat, in 1945, gezegend met een eigen harmonie, terwijl Alphen dit genot al sinds 1891 kende. Bij gouden bruiloften en andere festiviteiten in Riel placht de Alphense harmonie die luister bij te zetten. Toen is het letterlijk voorgekomen dat de Rielenaren bij een optreden van het Alphense Vlijt en volharding naar binnen gingen en de luiken sloten zodat die van het buurdorp behoorlijk op hun neus keken..

Zo was het tussen ‘die van Tilbörg en die van Gôôl’ ook lang niet altijd pais en vree. We houden ons aanbevolen voor voorbeelden. Stuur sterke verhalen en anekdotes naar: redactieST@emdejongmedia.nl