DesTijds
Foto: Ad de Bont. Collectie Regionaal Archief Tilburg
Op deze markante foto van Ad de Bont gemaakt in juni 1971 is te zien hoe een bepalend stukje Tilburgse geschiedenis langzaam tegen de vlakte gaat. Het oude stadhuis aan de Markt, dat op dat moment al meer dan 125 jaar oud was, is op de foto voor de helft gesloopt om ruimte te maken voor de Paleisring. Hoewel het gebouw decennialang het gezicht van de stad bepaalde, viel in de jaren zeventig onverbiddelijk het doek voor dit ontwerp van architect Hendrik van Tulder.
Door John Geerts/Tilburgers.nl
De geschiedenis van dit specifieke stadhuis begon in 1848. Architect Hendrikus Jacobus van Tulder, de eerste Tilburger die officieel als architect te boek stond, kreeg de opdracht voor het ontwerp. Het resultaat was een majestueus gebouw in een classicistische stijl dat in 1849 de deuren opende. In de beginjaren was het een multifunctioneel centrum waar niet alleen de stedelijke administratie en het politiebureau waren gevestigd, maar ook de Kamer van Koophandel en het Kantongerecht.
Van Tulder was een invloedrijk figuur in de Tilburgse architectuur. Naast het stadhuis ontwierp hij onder andere de Heuvelse kerk en de allereerste Korvelse kerk. Hij legde zelfs de basis voor wijken zoals de Koningswei en Nijveroord. Het stadhuis bleek al vroeg in de twintigste eeuw niet meer aan de moderne eisen te voldoen. Dit leidde er uiteindelijk toe dat in 1936 het Paleis-raadhuis in gebruik werd genomen, waardoor alleen de secretarie nog in het oude pand van Van Tulder achterbleef.
De onvermijdelijke sloop
In 1971 viel definitief het besluit om het pand af te breken. De redenen hiervoor waren zowel praktisch als planologisch. Daarnaast werd geconstateerd dat het gebouw na ruim een eeuw trouwe dienst simpelweg “op, ofwel versleten” was. De opening van het nieuwe, moderne stadhuis in april van datzelfde jaar maakte het oude pand bovendien overbodig.
De sloop riep destijds, en ook jaren later nog, veel emoties op bij de Tilburgers. Het gebouw, een rijksmonument nota bene, wordt vaak omschreven als “het gemeentehuis dat ze nooit hadden moeten slopen”.