Puck Dekker dacht even dat ze de 'Plons-Queen' van Tilburg was nadat ze zichzelf de uitdaging oplegde om 100 dagen achtereen een duik in ijskoud open water te nemen. Al snel kwam ze echter al vele andere 'plonzers' tegen. Maar wat bezielt iemand om er deze 'hobby' op na te houden? Stadsnieuws ging een keertje mee, bleef zelf lekker op het droge maar tekende wel haar verhaal op.

Door Daan Baijer

Na een korte warming-up haalt Puck Dekker (27) diep adem en stapt het ijskoude water in. Een schokgolf trekt door haar lichaam, de kou is direct en allesoverheersend. Ze moet zichzelf volledig onder controle houden om te blijven ademen en niet te verkrampen. Daarna stapt ze weer uit. De tweede klap volgt meteen: snijdende wind, winterkou, een roodgloeiend lichaam. Tussen de pijnprikkels door dringt een ander gevoel zich op: voldoening. Wat begint als een uitdaging, groeit uit tot een dagelijkse strijd tegen kou, weerstand en haar eigen grenzen, waarbij opgeven geen optie is.

Waarom?

Een lange fietstocht naar Spanje zet Puck aan het denken. “Wat wil ik met mijn leven? Ik wil weg van het feesten en van ‘PartyPuck’. Ik wil mijn leven niet langer een 7 geven, maar een 9.” Hoe ze dat wil bereiken? “Door mezelf een dagelijkse uitdaging te geven. Honderd dagen lang doe ik iets wat ik eigenlijk niet wil doen, juist om te trainen om door weerstand heen te gaan. Ik wilde zien wat dat met mij doet.”

En wat dat met haar doet, merkt ze bijvoorbeeld terug op haar werk bij een daklozenopvang in Den Bosch. “Ik ga moeilijke gesprekken makkelijker aan, ik blijf rustiger in stresssituaties en over het algemeen zeg ik minder snel dat iets niet voor mij is. Bij deze uitdaging heb ik vaak gedacht: ‘Waarom honderd dagen en niet gewoon dertig?’ Maar toch denk ik dat je het jezelf niet te makkelijk moet maken.”

Plonsqueen

De lessen die de masterstudent klinische en positieve psychologie dagelijks leert door in het water te plonsen, deelt ze op sociale media. Ze filmt hoe ze de kou trotseert en gebruikt dat als stok achter de deur om door te gaan, maar ook om nieuwe mensen te leren kennen. “Ik had nooit verwacht dat zoveel mensen het water regelmatig ingaan. Ik dacht dat ik de ‘Plonsqueen’ van Tilburg was.” Zo plonst ze ooit met haar overbuur, die ze eerst niet kende, en komt ze een groep vrouwen uit Goirle tegen die twee keer per week in het water duiken. Dekker is niet bang voor gevaren zoals onderkoeling. “Ik ben gewend aan de kou en ga niet zo diep of te lang. Mijn ouders vroegen zich wel af of het zo verstandig is.”

Wat nu?

Als de honderd dagen eind januari voorbij zijn, wil ze een korte pauze inlassen. “Misschien een weekje. Maar ik wil wel doorgaan met video’s maken over hoe je je leven van een 7 naar een 9 kan veranderen.” En of ze nu echt stopt met plonsen? “Helemaal uitgeplonst ben ik niet. Misschien ga ik elke maandag, en dan ook door weer en wind. Dan blijf ik mezelf uitdagen. Aldus wellicht toch de ‘Plonsqueen’ van Tilburg'...