Meer trainingsuren, verbetering leerprestaties en tijd voor sociale ontwikkeling. Het zijn die facetten die centraal stonden bij de oprichting van de Topsportopleiding Tilburg. In februari viert de stichting het 25-jarig bestaan. Een periode waarin heel wat Tilburgse en regionale talenten tot wasdom kwamen. Initiatiefnemer Pieter-Jan Wassing, stichtingsvoorzitter Peter van Ierland en coördinatoren Frank Leenders, Geert Toemen en Arjen Lodewijks kijken terug maar ook vooruit.

Tekst en foto: Willem de Volder

Vanuit zijn betrokkenheid bij Willem II, onder meer zijn zoon voetbalde er, constateerde Pieter-Jan Wassing dat een groot deel van de jeugdspelers er een lager studieniveau behaalden dan hun capaciteiten aangaven. “Vandaaruit ontstond de gedachte om met de school te gaan praten. Uitgangspunt was meer trainen om talenten verder te ontwikkelen en dat kon als de roosters van de school werden aangepast. Ook op het gebied van studie en sociale ontwikkeling zou er door de roosteraanpassingen winst worden behaald.” Wassing vond bij Willem II, Tilburg Trappers en het Koning Willem II College een luisterend oor voor het initiatief. Ook Peter van Ierland, inmiddels zo’n 21 jaar voorzitter van de stichting, schaarde zich er achter en zette zijn netwerk in bij gemeente, clubs en het onderwijs. In zes maanden werd een compromis opgesteld.

Implementeren

Het topsportinitiatief werd geïmplementeerd na gesprekken met de school, clubs (trainers), gemeente (accommodaties) en uiteraard de ouders van de talenten. Door substantiële sponsoring van Jacques de Leeuw/Audax, een van de grote private voorvechters van de sporttalentontwikkeling in Tilburg en regio, werd het topsportinitiatief mogelijk. Door medewerking van ROC Tilburg, nu Yonder, werd coördinator Frank Leenders aangesteld: “We startten met voetbal en ijshockey. Later volgden hockey en vele andere sporten. Het was Leenders op het lijf geschreven vanwege zijn kennis van topsport en onderwijs”, kijkt Van Ierland terug. Belangrijk was volgens hem ook dat het Midden-Brabant College (later Campus 013) aansloot. “Het zorgde voor een nog breder draagvlak in uiteenlopende leerniveaus.”

Vooraanstaande sporters

Aan resultaten geen gebrek in de voorbije 25 jaar. Leenders noemt die van ‘het eerste uur’ zoals Jacky Groenen, Virgil van Dijk, Frenkie de Jong (voetbal), Eefje Muskens (badminton), Diederik Hagemeijer (ijshockey), Ireen van den Assem, Margot van Geffen (hockey) en Mariska Lips (paardrijdster, maar helaas te vroeg overleden). Haar naam prijkt nog op een jaarlijkse prijs voor de topsportleerling, die studie en sport het beste combineert. Toemen benadrukt dat de formule topsportklas uniek was voor Nederland. “We hadden toen geen LOOT-status en waren de enige school in Nederland, die studie en sport tot zo’n combinatie smeedde.” In 2011 kreeg het Koning Willem II College een LOOT-certificaat, huidige EVOT (Expertisecentrum Voor Onderwijs en Topsport). “Als topsporttalentschool kregen we nog meer faciliteiten zoals vakken laten vallen en de spreiding van eindexamens.”

Goede studieresultaten

Vanzelfsprekend spraken/spreken de sportieve resultaten in de voorbije jaren voor zich. Zeker zo belangrijk was en is het nog steeds dat de studieresultaten van de topsportleerlingen niet onder deden/doen voor die van de ‘reguliere leerlingen’. Dat is mede te danken aan de twee topsportcoördinatoren en tien mentoren. “Bovendien is er op beide scholen en bij de clubs over de volle breedte draagvlak,” vult Toemen aan. Clubs mag met hoofdletter worden geschreven. Waren er in het begin sec voetbal, ijshockey en kort daarna hockey, inmiddels omarmt de Topsportopleiding Tilburg 26 sporten en veelal daaraan gelieerde verenigingen. Meer dan duizend leerlingen hebben tijdens het bestaan van de topsportopleiding de voordelen ervaren van de structuur van de combinatie sport en studie.

Uitbouwen

Teren op de successen uit het verleden is voor de betrokkenen geen issue. Zij zijn druk met het uitbouwen van de topsportopleiding op velerlei vlak. “Denk aan een zwaluwstaartverbinding met Team Tilburg waardoor er doorstroommogelijkheden ontstaan naar het hoger (beroeps)onderwijs”, aldus Van Ierland. Toemen geeft aan dat in het totale spectrum van begeleiding onder meer SportMedischCentrum (SMC), psychologen en voedingsdeskundigen een steeds grotere rol spelen. Tal van avonden werden en worden belegd om sporters en ouders voor te lichten. Lodewijks concludeert: “Er is in de topsportopleiding een perfecte balans tussen sport, studie en maatschappij. Op die manier komen studieresultaten, sportprestaties en tijd voor sociale ontwikkeling in prima harmonie tot wasdom.”

Toekomst

Van Ierland blikt nog even vooruit: “We hopen dat we samen met de partners in ons netwerk, Team Tilburg en de gemeente, onze inzet voor talentontwikkeling kunnen blijven voortzetten.” Hij ziet ook graag de komst van nieuwe sporten: “Het steeds groeiende padel is wellicht een optie.”