In Buurthuis Broekhoven vond onlangs een bijeenkomst plaats ter ere van de twee maanden geleden overleden Broekhovense voetballer/filosoof Jan Vorstenbosch en het door hem geschreven boek 'KS Broekhoven: het verhaal van een echte volksclub'. Stadsnieuws was er bij!
Door Gerard Sanberg
Voorafgaand aan de bijeenkomst staan enkele veteranen van de legendarische voetbalclub lekker in de zon te buurten. Herinneringen ophalen van lang geleden: “Houten noppen hadden we onder onze schoenen. Die sleten snel af, om de drie weken moest je naar de schoenmaker om er nieuwe onder te laten zetten.” Ha, dat waren tijden!
Die tijden zijn voorbij en de voetbalclub KS Broekhoven (KS = Katholieke Sportvereniging) is ook voorbij: in 2018 opgeheven. Een volkse club was het, in tegenstelling tot het uit de maatschappelijke middenklasse voortgekomen Willem ll. De verhouding tussen die twee was lange tijd moeizaam, totdat John Feskens, sinds 1978 sterspeler bij KS Broekhoven, ‘overliep’ naar Willem ll. ‘D’n Beitel ging in 1982 over naar het betaalde voetbal (eerst Willem ll, daarna NAC, daarna Excelsior).
Socrates van Broekhoven
In de door de vereniging indertijd zelf gebouwde kantine (nu buurthuis Broekhoven), vertelt D’n Beitel over Jan Vorstenbosch en KS Broekhoven: “We hadden hier veel echt goede voetballers. Jan was wel de beste, denk ik, qua techniek en spelinzicht, maar we hadden meer echt goede spelers.” Jan deed gymnasium op het Odulphus en ging filosofie studeren in Utrecht. Hij voetbalde vijftien jaar in het eerste van Broekhoven bleef tot het einde toe lid van de club. “Een man van het woord”, vertelt zijn zwager Joep Dohmen. “Of hij nu een voetballende filosoof was of een filosoferende voetballer, hij had iets mateloos over zich. De Socrates van Broekhoven? Terwijl hij aan dit boek over de club werkte, was hij ernstig ziek. ‘Krijg ik het nog te zien?’, vroeg hij de drukker. Nou, dat zal erom houden, was het antwoord. En inderdaad, Jan is op zondag gestorven, de maandag daarop was het boek klaar. Erg jammer.”
Leren bal met veter
André Verhagen was keeper in het eerste en vertelt het verhaal van de houten noppen onder zijn schoenen. En: “Ja, destijds hadden we een leren bal met een veter erin. Als het nat was zwiepte die in je gezicht bij het koppen. Dat was lastig.” Ad de Vree speelde achttien jaar in het eerste, als middenvelder: “Trouw aan de club: ik voetbalde alleen bij Broekhoven, nooit ergens anders gespeeld.” Peter van Heesch: “Ik speelde rechtsback. Nee, niet in het eerste, maar ik heb wel heel goeie herinneringen aan die tijd. Echt een toffe club waren we. Ik heb elf jaar gevoetbald, daarna alleen nog maar tafelvoetbal!”
