Fons Mallien (65) is voor veel Willem II-supporters nog altijd de onverzettelijke linksback van weleer. Tussen 1986 en 1992 speelde hij 188 wedstrijden voor de club en daarin scoorde hij 16 keer. Inmiddels rijdt hij de Tricolores als chauffeur van de spelersbus naar alle uitwedstrijden. Een ideale kandidaat dus voor de nieuwe Stadsnieuws-rubriek ‘Leev’ hoezee, hoe ist naa meej?’

Door Ron van Kuijk

De vraag hoe het met hem gaat, raakt meteen een gevoelige snaar. “Naar omstandigheden goed, maar wel verdrietig. We hebben drie weken terug namelijk afscheid moeten nemen van mijn moeder. Dat heeft natuurlijk veel impact.” .

Toch overheerst dankbaarheid: “Ze is 93 geworden en wij zijn dankbaar dat ze er zo lang is geweest voor ons. Ze heeft ook geen lange lijdensweg gehad. Wij zijn er allemaal, met de kinderen en kleinkinderen, dankbaar voor dat ze ons op deze manier heeft verlaten. Wat rest zijn alleen maar hele fijne herinneringen.”

Indonesische roots

Mallien groeide op in Tilburg, maar zijn familiegeschiedenis ligt elders. “Mijn ouders komen uit Indonesië. Mijn vader is KNIL-soldaat geweest en die moesten daar weg, met duizenden. Mijn moeder was 18 en mijn vader 28 of 29 toen ze naar Nederland kwamen.”

Het gezin vond uiteindelijk zijn plek in de Tilburgse wijk Broekhoven: “Ik ben geboren in de Bernard Loderstraat, maar opgegroeid in Broekhoven: een echte volksbuurt.”

Mallien begon met voetbal bij Velocitas: “Daar heb ik drie jaar gespeeld; van mijn zesde tot mijn negende. Daarna ben ik naar Hieronymus gegaan en vervolgens naar TAC.”

Bij SSC in Sprang-Capelle kende hij een harde leerschool. “Daar ben ik eigenlijk wel gevormd. Er speelden daar bijna alleen maar bouwvakkers in het eerste elftal. Met echt nog die mentaliteit van ‘nooit opgeven’. Als je alleen al maar dacht aan een stapje minder doen, werd je door je medespelers meteen gecorrigeerd.”

Piet de Visser

Via LONGA en DESK kwam Mallien daarna in beeld bij Willem II. Het moment waarop hij werd gescout, staat hem nog helder bij. “Trainer Piet de Visser kwam kijken en vroeg aan mensen langs de lijn: ‘Wie is die linksback?’ Ze zeiden: die is al op leeftijd, 28 of 29. Hij zei: ‘Dat geloof ik niet.’”

Na de wedstrijd sprak De Visser hem direct aan. “Hij zegt: ‘Ik ben trainer van Willem II. Hoe oud ben jij?’ Ik zeg: ‘Ik ben net 23.’ Hij zegt: ‘Dan wil ik graag je telefoonnummer, want ik wil met jou rond de tafel.’ Zo gezegd, zo gedaan en toen was het zo geregeld. Zo ben ik bij Willem II beland.”

Mentaliteit

Mallien stond niet bekend als de meest sierlijke voetballer, maar wel als een van de taaiste. “Ik was niet de meest begenadigde voetballer. Maar door mijn mentaliteit heb ik me zeven jaar staande gehouden. Ik werd zelfs een keer geselecteerd voor het Nederlands B-elftal door bondscoach Thijs Libregts. Maar door een blessure kwam het helaas nooit tot een interland.”

Zijn speelstijl vat hij zelf treffend samen: “Ik pakte gewoon mijn mannetje en liep hem desnoods tot in de wc achterna.” Dat werd ook vaak door tegenstanders bevestigd. Lachend: “Ton Cornelissen van NAC bijvoorbeeld. Die had er een enorme hekel aan om tegen mij te spelen. Ik spreek Ton nog wel eens. Dat is dan leuk om terug te horen.”

Zelfkennis is volgens Mallien essentieel. “Ik zeg altijd: de grote kwaliteit is weten wat je wel en niet kan.” Een les die hij op het veld leerde: “Ik kapte een keer Gerald Vanenburg uit op 15 meter van mijn eigen achterlijn. Hij pakte de bal weer af en ik kreeg meteen van alle kanten commentaar. Dat was de laatste keer dat ik dat deed.”

Promotie en vaste waarde

Mallien groeide uit tot vaste waarde. “In het begin moest ik concurreren, maar toen ik erin kwam, ben ik er eigenlijk niet meer uitgegaan. Het mooiste was natuurlijk de promotie naar de eredivisie.” Hij speelde uiteindelijk zeven jaar voor de club. “Daar ben ik heel trots op. Het heeft mij heel veel gebracht. Ik heb ook veel over mezelf geleerd.”

Na zijn actieve voetbalcarrière werd Mallien amateurtrainer bij onder meer Jong Brabant en Uno Animo. Uiteindelijk koos hij voor het ondernemerschap. Zo runde hij een toko aan de Katterug en heeft hij nog immer een bedrijf dat zich richt op het toeleveren van onder meer kantoorartikelen, verpakkingen, etiketten en kassarollen.

“Ik kreeg het te druk met mijn eigen zaak. Als ik iets doe, wil ik het goed doen. En daar moet ik van leven. Ik ben natuurlijk geen voetballer die in zijn loopbaan heel veel geld verdiende en het daarna rustig aan kon gaan doen.”

Chauffeur van de spelersbus

Ook na zijn spelerscarrière bleef Mallien nauw betrokken bij de club. Als ondernemer en sponsor, maar ook als supporter. “Ik zie bijna alle wedstrijden van Willem II. Al meer dan dertig jaar ga ik kijken. Sinds een paar jaar ben ik ook chauffeur van de spelersbus. Hartstikke leuk en mooi om te doen en bijzonder ook om nu weer zo dicht op het team te zitten. Dit seizoen is Willem II niet sterk begonnen maar je ziet dat de spelers nu beter op elkaar ingespeeld raken. En het blijft voetbal hè, dus in de play-offs kan er nog van alles gebeuren. Zelfs promotie is niet ondenkbaar: kijk maar naar Telstar vorig seizoen.”

Van de andere kant weet Mallien ook te relativeren: “Dat heb ik wel geleerd in het leven. Als het er niet in zit, zit het er niet in. Uiteindelijk blijft het maar voetbal. Er zijn veel belangrijkere dingen in het leven. Wat dat betreft denk ik nog vaak aan de woorden van mijn moeder. Die zei altijd ‘Je moet eerst zorgen voor je eigen familie en vrienden. Dat het daar goed mee gaat. Al het andere komt daarna en de problemen in de wereld zijn van alle dag’. Dat zijn ware woorden. Die wijze raad neem ik altijd met me mee.”