Natuurlijk, elk mens is uniek. Maar Tilburger Guus de Leeuw heeft net iets extra’s bijzonderders: hij is namelijk vijftig jaar lid van De Door(en)trappers. Deze Tilburgse wielertourclub bestaat vijftig jaar. De crack – een wielerterm voor een uitblinker – is dus net zo lang actief lid als de club bestaat. “Tegenwoordig fietst hij wel op een racefiets met trapondersteuning," onthult Gief van Schijndel. Als voorzitter van de Door(en)trappers mag hij leiding geven aan een jubilerende wielerclub die in een halve eeuw naam en faam heeft opgebouwd en vertelt hij in de StadsNieuws-rubriek 'Van de voorzitter...' over dit jubileum.
Door Paul Spapens
Dat het gouden lid Guus de Leeuw aan wielrennen doet met een e-racefiets ontlokt niet alleen de reactie ‘bestaan die ook al’, het laat vooral de eigenheid, het karakter van de Door(en)trappers zien, door voorzitter Gief van Schijndel als volgt verwoordt: “Het gaat ons om een combinatie van lekker samen fietsen en gezelligheid. De Door(en)trappers helpen elkaar. Het is een vriendenclub. Já, het is een wereldclub.”
Gief van Schijndel (hij heet eigenlijk Giaovanni, maar in zijn jeugd brak iedereen zijn tong over die naam) voegt aan die opsomming van positieve dingen nog twee dingen toe. Ten aanzien van het thema gezelligheid laat hij zich ‘een goeje pot bier’ ontvallen. En hij zegt dat in principe iedereen mee kan doen. Dat ‘in principe’ is goed te begrijpen, want lid zijn van een wielertoerclub vraagt natuurlijk een zekere sportieve fietsbeleving. En hoe waar zijn uitspraak is dat iedereen mee kan doen blijkt uit het feit dat Guus de Leeuw al vijftig jaar lid is en ondanks zijn gevorderde leeftijd lekker stoempt (wielerterm voor doorzetten) dankzij zijn e-racefiets.
Wendy Kroesen
Iedereen lekker meedoen dus, maar hoe komt het dan dat van de 65 tot 70 leden slechts één van hen vrouw is. En dat is Wendy Kroesen. In dit vijftigjaar-jubileumverhaal in StadsNieuws noemen we haar naam met recht en reden omdat ze binnen de Door(en)trappers als enige vrouw een bijzondere positie bekleedt. “Nou”, antwoordt voorzitter Gief van Schijndel op de vraag waarom de club niet meer vrouwelijke leden telt, “Ik weet het eerlijk gezegd niet goed. Nooit echt mee bezig geweest. In het verleden zijn vaker vrouwen lid geweest. Vrouwen zijn van harte welkom bij de Door(en)trappers.”
Dat past dan weer goed in zijn eerdere uitspraak dat in principe iedereen mee moet kunnen doen. In de wielerpraktijk van de Door(en)trappers kent de club eigenlijk drie afdelingen’, als we de gradaties zo mogen noemen. Zoals daar zijn de ‘ouderen’, door de voorzitter ondergebracht in categorie A. Dan B, de ‘gewone’ fietsers en C, de ‘doorfietsers’, met als toelichting ‘de snelle jongens’. Bij welke afdeling je ook hoort, de zondag is de grote clubdag – wat overigens zeker niet alleen geldt voor de Door(en)trappers want op zondagmorgen val je bij wijze van spreken over de toerfietsers. Toerfietsen is enorm populair, er genieten veel mensen van.
Voor de wind
Deze populariteit zie je terug in het feit dat de Door(en)trappers toch maar mooi alweer vijftig jaar bestaan en dat het de club voor de wind gaat, wat zowel aantal leden betreft, het gezamenlijke sportieve genoegen en de kenmerkende eigenheden die de voorzitter eerder al noemde. Je zou dat alles niet verwachten als je enkel naar de naam kijkt, want niks zo vervelend als een fiets die doortrapt. Hoewel dat met al die technische vernuftigheden van tegenwoordig niet veel meer voorkomt.
Dat lokt dan weer de vraag uit: hoe komen deze amateurwielrenners aan hun naam, die ze ook nog eens met trots uitdragen: ter gelegenheid van het gouden jubileum hebben ze allemaal een jubileumshirt gekregen waar dat luid en duidelijk opstaat. De oprichter was Frans van Dooren, toen kastelein van het legendarisch café De Noordhoek. Gief van Schijndel: “Een man of vijf zat aan de bar. Er werd gezegd: ‘Zumme morgen eens gaan fietsen…” En zo is het begonnen…, vijftig jaar Wielertoerclub De Door(en)trappers. Een springlevend bewijs dat de beste ideeën ontstaan aan de tap.
